skip to Main Content
Dienstdoende verloskundige: 06 52 00 62 82

Combinatietest

De combinatietest maakt deel uit van de prenatale screening. Met deze test wordt er onderzocht hoeveel kans er is dat je kindje het Downsyndroom (trisomie 21), Edwardssyndroom (trisomie 18) of Patausyndroom (trisomie 13) heeft.

Wat is de combinatietest?
De combinatietest bestaat uit twee onderdelen: 

  1. een bloedonderzoek bij de zwangere, tussen 9 en 14 weken zwangerschap;
  2. de nekplooimeting via een echo die gemaakt wordt tussen 11 en 14 weken zwangerschap.

De gecombineerde uitslagen van de bloedtest en de nekplooimeting, samen met de leeftijd van de moeder en de precieze duur van de zwangerschap bepalen hoe hoog de kans is op een kind met Downsyndroom.

Uitslag van de combinatietest
De uitslag van de combinatietest geeft nooit 100% zekerheid over of je kindje het syndroom van Down heeft of niet. De uitslag is altijd een kansberekening. 

De uitslag van de combinatietest wordt grofweg verdeeld in twee mogelijkheden: je hebt geen verhoogde kans op een kindje met Down-, Edwards- of Patausyndroom of je hebt wel een verhoogde kans. 

Bij een verhoogde kans op een van de syndromen wil dat zeggen dat de kans 1 op 200 (of hoger) is dat je kindje het deze aandoening heeft. Bij geen verhoogde kans wil de uitslag niet zeggen dat je kindje gezond is. 

Wat te doen bij een verhoogde kans op een trisomie-afwijking?
Als er uit de combinatietest een verhoogde kans op een kindje met een trisomie-afwijking blijkt, dan heb je drie mogelijkheden:

– je doet niets
– je kiest voor de NIPT (Trident-1 studie)
– je kiest voor een vlokkentest of vruchtwaterpunctie

Heb je hulp nodig om je beslissing te maken? Dan kun je altijd contact met ons opnemen. Goed om te weten: de onderzoeken zijn niet verplicht en je kunt op elk moment stoppen.

Lees hier meer over de combinatietest.

 

Back To Top